Mijn eerste woordje

Van brabbels naar de eerste woordjes

Vanaf het moment dat je baby wordt geboren, probeert hij je dingen duidelijk te maken. Honger, slaap, aandacht; een lopende zin kan hij nog niet vormen, maar door te huilen weten we al snel wat ze bedoelen. Wanneer jouw baby gaat praten, is per kind verschillend. Maar het staat vast dat de taalontwikkeling van kinderen zeven fases kent. In elke fase kan jouw kindje zich beter verstaanbaar maken.

Taalontwikkeling van baby’s in 7 fases:

  • Eerste fase:  In de eerste 6 weken maken baby’s kenbaar wat ze willen, door te huilen. Je hebt verschillende soorten huiltjes. Als moeder herken je de verschillen in de loop der tijd. Alhoewel dit misschien niet voelt als praten, valt het toch onder taalontwikkeling.
  • Tweede fase:  Tussen de 6 en 24 weken zal je baby verschillende klanken gaan gebruiken. Klanken beginnend met een klinker, bijvoorbeeld ‘oh’ of ‘ah’, hoor je nu het meest.
  • Derde fase:  Hierin lijkt het alsof baby’s al meer richting de eerste woordjes gaan, alsof ze al een woordje zeggen. Vaak combineren ze hier al klinkers en medeklinkers tot een woord. Misschien hoor je zelfs al verschillende medeklinkers. Voor de echte eerste woordjes is het nog wat vroeg, ook al lijkt het er soms wel op. Ze snappen dat ze met hun gebrabbel je aandacht weten te vangen, maar meer dan dat zit er nog niet achter.
  • Vierde fase:  Vanaf 12 maanden passeren de eerste echte woordjes de revue. Je kindje kan nu verbanden leggen tussen woorden en de betekenis ervan. Denk aan ‘mama’, ‘papa’ en ‘bal’. Echte zinnetjes komen er nog niet uit, maar in de hersens kan een enkel woord een hele zin omschrijven. Zo kan een kindje bijvoorbeeld wijzen naar een voorwerp en door middel van een woord of naam, aangeven van wie dat voorwerp is.
  • Vijfde fase:  Rond de achttien maanden worden de twee-woordzinnen gevormd. In deze fase begrijpt je kindje ook veel meer en hoef je veel minder dingen aan te wijzen. Grote kans dat als jij ‘geef de auto maar aan mama’ zegt, je kindje dit begrijpt. Maak het alleen nog niet te ingewikkeld, korte zinnen worden in dit stadium het beste begrepen.
  • Zesde fase:  In deze fase gaat de taalontwikkeling ineens heel hard. De vocabulaire wordt aanzienlijk uitgebreid en er komen zinnen bij van drie, vier of vijf woorden. De zinnen die je kindje uitspreekt krijgen steeds meer vorm en langere en ingewikkeldere zinnen komen nu ook aan. Deze fase loopt ongeveer van het tweede tot derde jaar.
  • Zevende fase:  Wanneer je kindje drie is, kun je iets uitgebreidere gesprekken gaan voeren. Je zal merken dat de zinnen ook steeds langer worden. De woorden zullen niet altijd op de juiste plek in de zin staan, de vervoegingen zullen niet meteen kloppen en ook de uitspraak is niet altijd correct. Maar oefening baart kunst; langzaamaan verandert je brabbelende dreumes in een peuter of kleuter met heel veel praatjes en vragen.

Praten stimuleren

Wil je je kindje stimuleren om te praten? Misschien heb je dan iets aan deze tips:

  • Praat veel tegen je baby, ook al begrijpt hij of zij je nog niet. Hierdoor bouwt je kindje uiteindelijk wel zijn woordenschat op.
  • Door veel boekjes te lezen, vergroot je de woordenschat van jouw kindje. Je kan hier al heel vroeg mee beginnen. Let er wel op dat het boekje past bij de leeftijd van je kindje.
  • Zing samen liedjes.

Leren praten moet vooral leuk zijn, dus zorg dat jullie er allebei plezier in hebben. Geniet van samen boekjes lezen, liedjes zingen en kletsen. Wanneer je kindje er plezier in heeft, komen de woordjes vanzelf!

TIP:  Houd een boekje bij met grappige woorden en uitspraken, leuk voor later!

      TOP